• Melissa Van Ginderen

10 Miles, een kronkel die zorgde voor een geluksmoment

Bijgewerkt op: sep 3

Ik ben al heel mijn leven een spring in ’t veld. Stilzitten, dat is niks voor mij. Dat was als klein meisje al zo, toen ik persé naast de buggy wilde wandelen in plaats van erin wilde zitten. Kan je je onze familie-uitstapjes naar de dierentuin voorstellen, met een vermoeide jengelende peuter aan mama’s arm, die te koppig was om in die buggy te kruipen? Dat was ik dus.



Ik had zoveel energie dat mijn moeder me naar de turnles bracht. Turnen, ik vond het heerlijk en dat is nog steeds niet veranderd. Ik geef mijn passie nu ook door, want ik geef ondertussen zelf turnles. Turnen, zwemmen, wielrennen, fietsen… Geen sport die ik niet graag doe.


Enkele jaren geleden begon ik met hardlopen. Ondanks mijn actieve levensstijl, was mijn conditie niet wat het zou moeten zijn. Ik downloadde daarom, net als vermoedelijk de helft van de Belgische bevolking, de app Start to Run. Al snel kreeg ik de loopkriebels te pakken. Wat begon als een sporadische activiteit, is nu zelfs een gewoonte geworden. Een gewoonte die mij gelukkig maakt.


Toen ik vijf jaar geleden de eerste keer de deur uit ging om te lopen, zat ik al na vijf minuten te puffen en te zweten. Ik herinner me nog dat ik dacht nooit die 5 kilometer te halen. Dat is nu een fluitje van een cent, al moet ik toegeven dat bij élk loopje die eerste kilometers een hel blijven. Het is dan de kunst om daar even door te bijten!


Ik daag mezelf graag uit en daarom besloot ik te gaan trainen voor de 10 Miles. Door Corona ging deze loopwedstrijd niet door, maar dat hield mij niet tegen. Een aantal dagen geleden stond ik op met een grote kronkel in mijn hoofd die zei: ‘Vandaag is ’t mijne dag: ik ga de 10 Miles lopen.’ Zo gedacht, zo gedaan. Ik trok mijn loopschoenen aan en ik vertrok. Vol goede moed begon ik aan mijn trip die ongeveer 105 minuten zou duren.


Kilometer 0 – 5


De eerste kilometers gingen vlot. Het plezier zat er goed in. Ik genoot van elke stap, hoorde de vogeltjes fluiten en knikte vriendelijk naar elke voorbijrijdende fietser. Tot ik na een kilometer of vijf eens keek hoe ver ik al was. Bijna op de helft, veronderstelde ik. En toen kwam het eerste moment van paniek: “NOG MAAR VIJF KILOMETER?” Maar met mijn ijzersterke karakter zette ik natuurlijk door. Ik had toch niet voor niks mijn loopkleren aangetrokken?! :-)


Kilometer 5 – 10

De volgende 3 kilometers zouden zwaar worden, dat wist ik. Ik naderde namelijk een zandweg. Gezeur en gezaag: zo kan ik deze etappe van mijn looptocht beschrijven. Tegen mezelf weliswaar. Deze kilometers leken eindeloos te duren. Ik kreeg ondertussen ook last van de warmte en mijn keel begon te schuren van droogte. Laat dit alvast een les zijn voor de volgende keer: water meenemen!


Kilometer 10 – 15


De zandweg gepasseerd, had ik nog een kilometer of 7 te gaan. Het zweet stond ondertussen tot in mijn schoenen. Wat er allemaal door mijn hoofd ging, weet ik niet meer. Ik probeerde alleszins ten volste te genieten van alles om me heen, hoe moeilijk het ook werd. De tijd ging in ieder geval tergend traag voorbij.


Kilometer 15 – 17: de laatste loodjes!


De laatste twee kilometers hield ik mijn afstandsmeter nauwgezet in de gaten: meer dan 17 kilometer ging ik echt niet doen. Mijn tempo was ondertussen enorm vertraagd, alsof je me kruipend kon bijhouden. Maar na 1 uur en 43 minuten kwam eindelijk dat moment van vreugde. I DID IT!


Ze zeggen weleens dat lopers het doen voor de runners’ high. Awel, die heb ik die dag zeker en vast ervaren. En ja, ik heb afgezien, dat ga ik niet ontkennen. Maar de voldoening achteraf weegt hier ongetwijfeld tegen op!












91 keer bekeken0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven